gallery/c53849620edcbca9842eb1c9399df661_230x131

Het zal niet deren

ze is al oud

en snel wat moe

voordat men knallend 

het nieuwe jaar in gaat

wil zij al onder de veren

ach, weet je wat het is

lacht ze me toe

mijn ene oor is stokdoof

het andere hoort nog

als een jonge meid

maar ieder nadeel 

heeft zijn voordeel

als ik op een oor lig

kan geen jaarwisseling

mij deren

KOFFIEMOMENT

kLEINE EENZAAMHEID

koffie met een laagje schuim

waarin je nu 't langzamer mag

in trage lijn een letter laat leven

met een lepel die je

oorspronkelijk niet nodig had

klein knappende bellen lijken te knipogen

een antwoord op je korte brief te geven

het koekje naast de kop oogt broos

breekbaar genoeg om onschuldig te lijken

je besluit het niet te breken, niet te eten

precies voldoende niet meer te beleven

dan waar en nu en wie je bent

slechts een letter in je koffie

met een koekje en een lepel

in een traag fragment, het

aangename stilleven van een

geruisloos koffiemoment

onderons

hoeveel zonnige dagen duurt het

voordat men zegt

het is zomer

zou het langer duren voor degene

die door de tranen heen moet zien

korter voor een dier

dat opleeft van vallend water

komt de zomer harder binnen

als men liefheeft

maar niet liefgeven kan

spijtiger

om het ontbreken van de andere schaduw

 

er is voornamelijk het licht

dat weerkaatst

maar geen antwoord geeft op de vele vragen

een zon

kan niets anders doen dan stralen

waar ze levens bereikt

onwillekeurig

de zomer uitdragen

ONZE FLAT

De man van de buurvrouw

is dood.

De buurman.

Op 33.

 

En ook de moeder van de

buurman van drie deuren

verderop. De buurvrouw.

Op 41.

 

Lepeltje, de teckel op 23

leeft nog. Al wordt hij oud.

 

En er is een wachtrij.

Een denkbeeldige lijn

vol oude mensen.

Als je geluk hebt,

kun je hier komen wonen.

Nog voor de dood.

 

Dat zei de buurvrouw.

Op 37.

 

Wier man ook nog steeds

leeft, al heeft zij hem wel al

eens moeten reanimeren.

 

Ik heb naar buurvrouw 39

voorts niet gevraagd.

 

Het werd pas officieel een

seniorenflat toen ik destijds

vertrok uit nummer 35.

 

Het laatste jong

heengegaan.

 

Het zet tot denken aan.

 

Sinds men daar officieel

oud werd verklaard, is men

spontaan begonnen

dood te gaan.

 

 

er is altijd een letter de eerste

die wegvalt als de echo van het geluid

klinkt uit de diepte van de put

de klinkers blijven niet zonder reden

het langst van alle klinken

tot ook zij zich gaan vervelen

er is geen moeders rok

om je gezicht in te verdrinken

geen vaderhand om naar te grijpen

geen volwassen mens om tegenop te zien

of maar half te begrijpen

er is in de omgeving geen ander mensenkind

om geheimen en zo meer mee te delen

er is alleen een put

die ping pong met een kleine stem wil spelen

 

Dit gedicht is gepubliceerd in de bundel 'En dan het dansend in de schaduw blijven', uitgegeven door Literair Zeist in het kader van de Literatuurprijs Zeist 2018.

 

06I09I8890

tussen hetzelfde en anders 

ligt een dunne lijn van wel en wee

neem de kat met de gele halsband 

met 06I09I8890 aan de binnenkant

raakte zoek en werd gevonden

maar niet meer teruggebracht

zijn vinder belde en constateerde

dat het nummer niet in gebruik was

zonder dat hij zich realiseerde

dat hij het nummer ondersteboven las